a

European Boxwood and Topiary Society Belgium

 

  BUXUS SEMPERVIRENS VAN THEOPHRASTUS TOT BATDORF

                  GESCHIEDENIS DER BENAMING VAN BUXUSVARIETEITEN

 

 

 

 

 

                                  DEEL 1:  BUXUS VOOR LINNAEUS

 

 

 

 Linnaeus Carl (gelatiniseerd als Linnaeus Carolus) of, nadat hij in 1761 in de adelstand was verheven, Carl von Linné (gelatiniseerd als Carolus a Linné) (Råshult, 23 mei 1707Uppsala, 10 januari 1778). Hij was een Zweeds arts, plantkundige, zoöloog en geoloog.

Zijn invloedrijkste werken zijn Species plantarum (1753) en Systema naturae (1758). De eerste druk van Species Plantarum  geldt sinds 1905 als beginpunt van de botanische nomenclatuur.

 

De vermelding van de letter ‘L’ achter de naam Buxus staat voor de naam: Linnaeus.

 

Het geslacht Buxus (de specie: Buxus sempervirens) is door Linnaeus onder andere beschreven in het boek Species Plantarum .

Maar Buxus was voorheen reeds door velen vermeld en beschreven.

Om de oorsprong van de huidige namen der buxusvariëteiten te begrijpen moet men de geschiedenis van vóór Linnaeus onderzoeken.

De boeken met deze vermeldingen en beschrijvingen behoorden destijds tot de farmacie, genees- en plantenkunde. In deze werken worden de plantennamen veelal gevolgd door de bronvermelding waardoor de geschiedenis van de namen traceerbaar is.

Dit staat in schril contrast met de wildgroei aan plantennamen van de voorbije jaren.

 

Species Plantarum: Is het werk van Linnaeus waarin hij alle planten rangschikt volgens geslacht en klasse. De eerste uitgave is van 1753, latere edities zijn steeds verder uitgebreid omdat er meer planten ontdekt  werden. De tweede druk 1762-1763 en de in essentie ongewijzigde derde druk van 1764, zijn door Linnaeus zelf verzorgd. Voor een goed overzicht moet men deze werken steeds samen bekijken met zijn boek: Genera Plantarum.  Deze zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden.

Gestart vanaf het werk van Linnaeus, Species Plantarum (1753) eindigt de bronvermelding bij Theophrastus van Eresus  (371  - 287 v.Chr.) Grieks geleerde, leerling van Aristoteles .

 

Bij het werk van Linnaeus valt op dat hij vooral naar zijn eigen werken verwijst, onder andere de Hortus Cliffortianus en naar het werk van Adriaan Van Royen: de Florae Leydensis (1740). Van Royen verwijst in zijn werk dan weer naar  Linnaeus.

De hiernavolgende werktabel is het datadiagram deel 1. Deze tabel begint bij Theophrastus (+/- 350 v.Chr.) en eindigt bij Linnaeus (1753).Het is een op jaartal gerangschikte lijst van de werken die rechtstreeks in verband staan met het werk van Linaeus en Buxus vermelden.

 

 

 

Linnaeus beperkte zich in het werk Genera Plantarum (1743) tot het vermelden van het geslacht Buxus en in Species Plantarum (1753) tot de vermelding van Buxus, Buxus arborescens en Buxus humilis.

In het boek Hortus Cliffortianus,1737 van Linnaeus zijn er meer variëteiten beschreven maar ook deze zijn beperkt.

Het ontstaan van het boek  Hortus Cliffortianus:

 Van 13 september 1735 tot 7 oktober 1737 verbleef Linnaeus bij dhr. Clifford op het landgoed Hartekamp. Linnaeus beschreef er vooral de planten die zich toen in de tuin van Clifford bevonden. Hij catalogeerde niet alleen zijn omvangrijke plantencollectie maar ook zijn uitgebreide bibliotheek. Het resultaat was Hortus Cliffortianus, dat gepubliceerd werd in 1738 en in veel opzichten een voorloper was van Linnaeus latere werk, in het bijzonder van Species plantarum. Gedurende zijn aanstelling bij Clifford reisde Linnaeus ook naar Engeland, waar hij in Londen onder anderen Hans Sloane bezocht, en in Oxford de gast was van Dillenius. Begin 1738 verbleef Linnaeus nog enige tijd in Nederland om te herstellen van cholera, alvorens via Frankrijk terug te keren naar Zweden.

 

De vermelde variëteiten in de Hortus Cliffortianus zijn:

-          (1)   Buxus arborescens.

-          (2)   Buxus humilis.

-          (3)   Buxus foliis ex luteo varigatis.

-          (4)   Buxus major foliis per limbum aureis.

-          (7)   Buxus minor foliis per limbum aureis.

-          (12) Buxus foliis minoribus angustis longioribus.

-          (11) Buxus foliis angustis longissimis.

 

Een uitgebreid overzicht van de variëteiten tot Linnaeus zijn vermeld in het werk : Index alter plantarum quae in Horto Academico, 1720, blz. 172-173. Geschreven door de Nederlander Hermanus Boehaave, arts en botanicus. (Voorhout 1668 – Leiden 1738). 

In dit boek staan zestien variëteiten  plus  één variëteit  die enkel vermeld staat in de index (nummer 17 uit de lijst)

1: Buxus arborescens

2: Buxus Foliis rotundioribus, Buxus humilis, Buxus topiaria.

3: Buxus foliis ex luteo varigatis  foliis aureis, Buxus aurea striata

4: Buxus major foliis per limbum aureis , Buxus aureus major

5: Buxus Africana rotundifolia serrata.

6: Buxus Longioribus foliis in acumen Luteum desinentibus, Buxus aureus minor.

7: Buxus minor  foliis per limbum aureis, Buxus aureus medius.

8: Buxus foliis Lauri Alexandrinae accedens Americana

9: Buxus folio argenteo variegato rotuniori majori.

10: folio nervosissimo limbo & apice aureo.

11: Buxus foliis angustis longissimis.

12: Buxus foliis minoribus angustis longioribus.

13: Buxus foliis minimis angustis longioribus.

14: Buxus foliis maximis nervosissimis

15: Buxus Foliis nervosissimis obtusis valde.

16: Buxus foliis parvis argenteis varigatis.

17: Buxus Capitis Bonnea spei

Op uitzondering  van de Buxus Minor Mirti foliis na, die niet in dit werk  is vermeld zijn dit de in hoofdzaak vermelde namen van buxusvariëteiten in de werken van Theophrastus tot Linneaus. Ze zijn opgenomen in het datadiagram deel 1.

18: Buxus Minor Mirti foliis.

Buxus Minor Mirti foliis werd zeer goed beschreven door Abraham Munting (Groningen 1626  -1683), Nederlands botanicus, in het werk: Nauwkeurige beschrijving der aard-gewassen (1696) tweede boek, hoofdstuk 9 blz.158.

Hiernavolgende een werktabel, de tijdlijn genaamd. Hier zijn de oorspronkelijke vermeldingen van Buxus en buxusvariëteiten horizontaal gerangschikt volgens het jaartal. Als er een nieuwe plant bijkomt staat de nieuwe naam in de rij onder de vorige naam of namen waardoor de tabel zich naar onder uitbreid naargelang er meer variëteiten komen. Nieuwe namen voor dezelfde variëteit blijven op dezelfde regel staan waardoor de tabel niet uitbreid. In deze regel staan dan alle synoniemen voor deze plant. De variëteiten die een gele kleur in het blad vertonen zijn (geel) ingekleurd, hetzelfde voor de zilverkleurige. Zo kan men in één oogopslag zien vanaf wanneer en waar deze planten vermeld worden.

 

 

 

 

Datum:  27 maart 2015 -   Index N : 28/09/2016.

 

 

 

 

                          DEEL 2:      BUXUS TUSSEN LINNE & LYNN

 

 

In het deel Buxus vóór Linnaeus  is het datadiagram en de tijdlijn beschreven over de periode van Theophrastus tot Linnaeus.

In deel 2 zijn de tabellen uitgebreid tot  de werken van Batdorf  Lynn R. zijnde  Boxwood: An Illustrated Encyclopedia. Boyce, Virginia: American Boxwood Society.57.2004, hierna afgekort als BE. en The International Registration list of cultivated Buxus L., 2004, hierna afgekort als  IRL.

 

Het boek: Boxwood: An Illustrated Encyclopedia is tot op heden het meest complete boek over Buxus. 

In de periode tussen 1753 en 2004 zijn er verschillende werken verschenen waar de Buxus sempervirens uitgebreid aan bod komt, bijvoorbeeld:

-          H. Baillon, Monographie des Buxacées et des Stylocérées 1859.

-          P.D. Larson, Boxwood: Its History, Cultivation, Propagation and Descriptions  1998.

 

Met de uitbreiding van de tijdlijn en het datadiagram kunnen de gekende variëteiten van vóór Linnaeus  tot op heden geëvalueerd worden .

De tijdlijn bevat zo goed als alle namen die vermeld staan in de IRL. van de species Buxus sempervirens, Buxus microphylla , Buxus microphylla var. japonica en Buxus sinica var. Insularis. met uitzondering van de reeksen.

In de periode tot vóór Baillon verloopt de uitbreiding van de namen vrij gelijkmatig. H. Baillon breidt deze tabel uit met een reeks aan nieuwe namen. In de periode na Baillon doet dit fenomeen zich meermaals voor maar hier is het niet gekoppeld aan boeken maar aan personen, tuinen, en of bedrijven die met Buxus zeer actief zijn of waren.       

Voor het Europa zien wij bijvoorbeeld:

- C. Esveld, Boskoop, Nederland.

- Langley Boxwood Nursery, Hampshire, Engeland.

 

In America zijn er o.a. :

-          Sheridan Nurseries, Toronto, Canada.

-          De variëteiten voortvloeiend uit de expeditie van E. Anderson naar de Balkan tijdens de zomer van 1934.

-          Kingsville Nursery, Kingsville, Maryland.

 

De laatste kolom van de tijdlijn bevat de nieuwe namen van diverse oorsprong die aan buxusvariëteiten gegeven zijn in America van 1932 tot 2004, goed voor bijna een verdubbeling van de tabel.

 

 

In deel 3 met de naam  ‘Buxus van Theophrastus tot Batdorf’ worden de achttien variëteiten  tot Linnaeus toegelicht.

Datum:  14 juni 2015  -          Index N : 28/09/2016